Bemestingsadvies voor standweiden_ CBGV

Nieuws

Bemestingsadvies voor standweiden

Gepubliceerd op
29 mei 2017

Het bemestingsadvies voor stikstof op grasland voor standweiden kent weinig belangstelling. De meeste adviezen zijn gericht op omweiden. Bij standweiden stem je de bemesting af voor bijgroei en niet direct voor opbrengst. Het globale advies van CBGV is met kleine giften van circa 75 tot 100 kilogram KAS bij te strooien bij meer dan 3 weken weiden op hetzelfde blok.

Standweiden wordt de laatste jaren weer meer toegepast. Het is een arbeidsvriendelijke manier van weiden en ook goed toepasbaar op bedrijven met een beperkte huiskavel. Bij standweiden of roterend standweiden mogen de koeien de dagelijkse bijgroei opvreten. Dat betekent vaker kleine giften stikstof geven. Dat werkt positief om de groei per dag en het eiwitgehalte in het gras en dus het ureumgehalte in de melk constant te houden.
Als het vee langer dan 3 weken op hetzelfde blok loopt, moet dus tussendoor bijbemest worden. Bij standweiden op 1 of 2 blokken is dat dus altijd het geval. Maar hoe bepaal je dan de benodigde stikstof gift.

Standweiden: bepaal N hoeveelheid per dag

In de adviesbasis staat een tabel met het N advies standweiden.

Tabel 2.9: CBGV Adviesbasis
Tabel 2.9: CBGV Adviesbasis

De eerste snede wordt in het voorjaar bemest volgens het advies van lichte weidesnede. Daarna wordt het advies bepaald op basis van benodigde N per dag. Aangezien je bemest voor de bijgroei is het advies na inscharen van de 1 snede uitgedrukt in de benodigde kilogrammen stikstof per dag. In deze N behoefte kan worden voorzien met kunstmest. Daarbij moet rekening gehouden worden met de nawerking van eerder gegeven drijfmest, bijvoorbeeld van voor de 1e snede. Aanvullen met drijfmest is ook een mogelijk, maar raden we af in verband met de smakelijkheid van het weidegras. De N (na-)werking van dierlijke mest wordt altijd uitgedrukt in een % van de dierlijke N per snede. Bij standweiden moet dat vertaald worden naar een N hoeveelheid per dag. Hierbij gaan we uit dat een snede gelijk staat aan een periode van 28 dagen.

In dit voorbeeld betekent dit dat de veehouder 100 KAS moet bij strooien op het eerste blok
In dit voorbeeld betekent dit dat de veehouder 100 KAS moet bij strooien op het eerste blok

Een rekenvoorbeeld

Een bedrijf op matig droogtegevoelige zandgrond past standweiden toe op 2 blokken. De koeien beginnen op 10 april te weiden op het eerste blok tot 10 mei wanneer ze op de etgroen van het 2e blok gaan. Op het 2e blok zullen ze naar verwachting ook weer 4 tot 5 weken weiden.
 

Overzicht van maaien en weiden
Overzicht van maaien en weiden

De N gebruiksnorm voor bedrijven op die weiden op zand is 250 kg N/ha. Het advies in tabel 2-9 komt op matig droogtegevoelige grond uit op 310 kg N/ha. Om op 250 kg uit te komen dienen alle adviesgiften te worden vermenigvuldigd met de factor 250/310 (80,6%)

Bemestingstips voor standweiden

Vaker kleine beetjes strooien geeft de meest constante groei en constante eiwitgehalte in het gras. Daarom is er in het voorbeeld voor gekozen om niet meer dan 100 kg KAS/keer te strooien en bij een hoge N behoefte per dag sneller de 2e gift te geven, in dit geval 15 /16 dagen na inscharen.
 
Praktische tips bij bemesten tijdens standweiden:

  • Geen dierlijke mest tijdens weiden
  • Beter vaker een kleine gift, dan lang wachten en grotere giften.
  • Strooien tijdens het melken of wanneer de koeien op stal zijn.
  • Strooi niet met dauw, dat geeft kans op brandschade.
  • Niet strooien echte regen of als het echt droog is.
  • Zorg ervoor dat de kunstmest niet op de plant, maar op de bodem komt te liggen.